Optimale maïsteelt

Vandaag de dag staan we met de maisteelt in Nederland voor een aantal uitdagingen: Willen we meer koeien houden, dan hebben we meer voer nodig. Ook willen we een vitaler gewas dat minder gevoelig is voor schimmels. Minder schimmels in het ruwvoer betekent minder vorming van toxines.
Daartegenover staat dat er geen kunstmestFosfaat mogen toedienen op derogatiebedrijven, we te maken hebben met een afnemende bodemvruchtbaarheid en afnemende gehaltes in de drijfmest.

Om uw maïsperceel voor te bereiden voor het komende groeiseizoen zijn een aantal zaken belangrijk, nl. het aanvullen van de ontstane tekorten aan mineralen, en het optimaliseren van de zuurtegraad van de bodem. Op deze pagina vindt u informatie over bemesten dmv drijfmest, kunstmest en groenbemesting, en over bekalken van maïsland met strooikalk.

1.  Bemesten

Ook voor maïsland geldt net als bij grasland dat als u optimaal wilt bemesten, u eerst moet weten wat de behoefte is. Dit kunt u bepalen aan de hand van grondmonsters. Als u de behoefte in beeld hebt kunt u hier aan voldoen door middel van een drijfmest gift, aangevuld met passende kunstmest in de rij en eventueel extra kunstmest volvelds. Samen met uw bedrijfsadviseur kunt u de behoefte berekenen en een plan van aanpak maken om aan die behoefte te voldoen.

Stikstof
Stikstof is de basis voor een goede gewasproductie, omdat het een grote rol speelt in de fotosynthese en dus de groei van de plant. Daarnaast is stikstof een belangrijke bouwsteen voor aminozuren die belangrijk zijn voor de vorming van eiwitten. Bij drijfmestgiften lager dan 50 ton/ ha zien wij tegenwoordig steeds vaker stikstoftekorten in snijmaïs ontstaan. Medeoorzaak is ook dat de stikstofniveaus in drijfmest vaak lager zijn dan verwacht. Neem daarom ook mestmonsters op uw bedrijf.
Het stikstofadvies ligt vaak tussen de 180 en 210 kg/ha. Hier kan stikstof dat vrijkomt uit een geslaagd vanggewas vanaf getrokken worden. Om eventuele stikstoftekorten op te vullen kunt u kiezen voor een rijenbemesting met een hoog gehalte aan stikstof, extra drijfmest of volvelds een stikstofhoudende kunstmestsoort bijstrooien.

Fosfaat
Fosfaat is een element dat een rol speelt in de energiehuishouding van de plant en daardoor essentieel voor een goede ontwikkeling. Met name in het vroege voorjaar is fosfaat belangrijk voor een goede wortelontwikkeling. Een goed snijmaïsgewas onttrekt ongeveer 75 kg fosfaat aan de bodem. Doordat er op derogatiebedrijven geen fosfaat uit kunstmest meer gebruikt mag worden, wordt de hoeveelheid beschikbaar fosfaat in de bodem heel belangrijk. Op de BLGG monsteruitslag van uw perceel staat het kengetal P-beschikbaar, aan de hand van dit getal kunt u beoordelen of het perceel voldoende fosfaat kan leveren in het voorjaar. De hoeveelheid beschikbaar fosfaat in de bodem kan beïnvloedt worden met behulp van Humuszuren. Dit product is in eerste instantie een goed beschikbare stikstof bron die niet of nauwelijks uitspoelt, maar maakt tevens extra fosfor vrij dat makkelijk opneembaar is voor de plant. Hierdoor kan er toch voldoende fosfaat beschikbaar komen.

Kali

Kali speelt een grote rol bij de waterhuishouding in de plant m.b.t. het transport van voedingsstoffen, met name koolhydraten. Tevens bevordert kali de stevigheid van de plant en verhoogt het de osmotische waarde van het celvocht. Een plant met gebrek aan kali wordt gevoeliger voor droogte en vorst. Snijmaïs is een koolhydraatrijk gewas, en omdat kali belangrijk is voor het transport van koolhydraten mogen we de kali voorziening zeker niet vergeten in snijmaïs.
De jaarlijkse onttrekking van een goed snijmaïsgewas ligt tussen de 250 en 290 kg kali.
Als gevolg van mestwetgeving wordt er tegenwoordig echter minder drijfmest op bouwland uitgereden. Hierdoor wordt de kaligift kleiner, en kan er gebrek optreden. Daarnaast kunnen er grote verschillen optreden in de hoeveelheid kali per ton rundveedrijfmest. Dit kan variëren van 4 tot 7 kg per ton. Voor een juiste uitgangssituatie voor ons bemestingsadvies, adviseren wij de mest te laten onderzoeken op het kaliumgehalte. Hieronder ter verduidelijking 2 situaties.

Situatie 1: 40 ton drijfmest met lage gehaltes
40 ton/ha rundveedrijfmest met 4,5 kg kali                         180 kg Kali/ha
Nodig voor goede maïsopbrengst                                       -280 kg Kali/ha
Benodigde bijbemesting                                                       100 kg Kali/ha

Situatie 2: 40 ton drijfmest met gemiddelde gehaltes
40 ton/ha rundveedrijfmest met 5,8 kg kali                         232 kg Kali/ha
Nodig voor goede maïsopbrengst                                       -280 kg Kali/ha
Benodigde bijbemesting                                                         48 kg Kali/ha

Zoals u in deze situaties kunt zien is de kans op kaligebrek bij lagere drijfmestgiften groter. Om deze kali-tekorten op te vullen adviseren wij om Korn-Kali bij te strooien net voor opkomst van de maisplant. Deze meststof met 40% kali bevat tevens de belangrijke elementen Magnesium, Natrium en Zwavel, en heeft dus een meerwaarde ten opzichte van een enkelvoudige kali-meststof.

Groenbemesting na mais
Na de maisoogst is het zaak zo snel mogelijk een groenbemester te zaaien. De toegestane groenbemesters zijn:

Alle grassoorten:
Meestal wordt hiervoor Italiaans raaigras gebruikt. Opmerking: Als u van plan bent een snede gras te winnen in het voorjaar, kunt u het beste een diploïde Italiaans inzaaien.

benodigde hoeveelheid zaaizaad:
Er zijn wettelijk geen regels gesteld aan de hoeveelheid zaaizaad. Voor een snede gras minimaal 40 kg per ha. Als u serieus mineralen wilt vasthouden in de grond dan minimaal 25 kg per ha aanhouden. In de praktijk wordt 20 tot 25 kg per ha gezaaid.

Alle goedgekeurde winterzaaigranen:
Winterrogge, wintertarwe en wintergerst is toegestaan. Als u zelf wintergraan geoogst hebt mag het toegepast worden op uw eigen bedrijf. Het is verboden niet gekeurde granen te verhandelen als zaaigraan. Zomergranen mogen niet gebruikt worden omdat deze in de winter bevriezen. We hebben bij Feijen een selectie gemaakt in de beschikbare mengsels, en we kunnen u RoggExtra aanbevelen.

Benodigde hoeveelheid zaaizaad:
Ook bij wintergranen is er geen wettelijk minimum vastgelegd. Voor een goede bedekking en mineralen opname is 70 kg per ha het advies. In de praktijk wordt 40 tot 50 kg gezaaid.

2.  Bekalken

Maïs gedijt het beste in bodems die niet te zuur zijn. De zuurtegraad van een bodem wordt uitgedrukt in pH. Hoe zuurder de grond, hoe lager de pH. De streefwaarde voor de bodem-pH voor maïs is tussen 5,2 en 5,7. Van nature zijn er in Nederland veel grondsoorten die een te lage pH hebben en daardoor stikstof- en fosfaatbenutting negatief beïnvloeden. Het maïsland kan daarom geen optimale opbrengsten leveren. Laat daarom periodiek een grondmonster nemen en de pH analyseren.

Mais eraf, kalk erop!

Het ideale tijdstip is om maïsland te bekalken is in het najaar. Of te wel, Maïs eraf….. kalk erop!  Hoe vroeger in het seizoen er wordt gestrooid, hoe beter. De kalk heeft dan ruim de tijd om in te werken en kan optimaal zijn werk doen. In het voorjaar is de grond dan in optimale conditie. Dit is ideaal wanneer u kalkminnende gewassen zoals maïs wilt verbouwen.

Vraag onze bedrijfsadviseur voor meer informatie over het bekalken van uw maïsperceel.

TOP