Biest

Biest, het allereerste melk dat een net bevallen koe aan haar kalfje geeft. Niets is zo belangrijk als een goede biestopname. We leggen je graag uit waarom.

Wil je advies over een goede biestopname?
contact jongvee

Wat is biest?

Biest is de eerste melk die gevormd wordt nadat de koe gekalfd heeft. Biest is dikker en geler dan gewone melk en bevat veel antistoffen met een hoog vet- en eiwitgehalte. De eerste 24 uur na de baring is biest het rijkst aan afweerstoffen. Daarna loopt het snel terug en komt de gewone melkproductie op gang.

Waarom is het zo belangrijk?

Een net geboren kalfje heeft nog geen eigen afweer, dus het is belangrijk dat het biest drinkt. Zo bouwt het weerstand op. De kwaliteit van biest wordt gemeten met het gehalte aan immunoglobuline G (IgG) per liter. 75% van de eiwitten in biest bestaat uit immunoglobulinen en albuminen. Normaal kunnen deze grote eiwitketens de darmwand niet passeren; alleen in de eerste 24 tot 36 levensuren staat de darmwand open voor deze afweerstoffen. Voor een maximale opname van de antistoffen moet het kalf binnen vier uur na de geboorte biest drinken. Door de hoge concentratie aan zouten in biest wordt de darmfunctie bevorderd. Ook bevat biest meer vitamine A en caroteen dan gewone melk.

Kortom, voor een goede start van het kalf is het belangrijk dat ze zo snel mogelijk, en het liefst binnen vier uur, de eerst biest binnenkrijgen. Het is de kunst om binnen 12 uur zo veel mogelijk biest erin te krijgen. Je kan een kalf hier niet mee overvoeren.

Biestkwaliteit

Een goede biestkwaliteit is belangrijk voor een goede opstart van het kalf. Het meten van de biest is dan ook de eerste stap die boven aan het biestprotocol staat.

Er zijn een aantal factoren die ervoor zorgen of je biest goed is voor het kalf of niet. Allereerst is het belangrijk dat de biest hygiënisch gewonnen wordt, geen vuil bevat, geen vermenging met andere melk of besmetting via vliegen of stof. Daarnaast is het aantal antistoffen belangrijk.

Meten is weten

Het meten van de biest is van groot belang. Zo weet je altijd welke start je het kalf meegeeft. Maar het geeft je ook inzicht in hoe je droogstandsrantsoen in elkaar zit. Meet je vaak een te lage kwaliteit? Dan is het belangrijk om wat aan je droogstandsrantsoen te sleutelen.

De kwaliteit van de biest kun je bepalen door de biest te meten met een refractometer. Je meet dan de droge stof van de biest. Deze is gekoppeld aan vaste bestanddelen in de melk die de kwaliteit van de biest weergeven.

Biest met een lage brixx is slecht wanneer het onder de 21 komt. Deze moet je zeker niet aan de kalveren geven, tenzij je hem bij kunt mengen met goede biest of kunstbiest. Hierdoor waardeer je de kwaliteit alsnog op. Meet je vaak een lage brixx dan is het verstandig om met je adviseur het droogstandsrantsoen en de voeding rondom afkalven te analyseren en zo nodig aan te passen.

Biest met een goede kwaliteit ligt boven de 24 brixx. Waarbij het wel van belang blijft om de 4 liter binnen 4 uur te verstrekken. Brixx boven de 26 is van topkwaliteit.

Factoren die een rol spelen bij de biestkwaliteit

  • Biest van vaarzen kan lager zijn dan die van oudere koeien
  • Tweede en derde kalfskoeien hebben vaak betere antistoffen, omdat ze al langer op het bedrijf lopen
  • Melk uitliggen voor kalven verlaagt de kwaliteit
  • Laat melken na kalven verlaagt de kwaliteit
  • Droogstand is belangrijk voor de biestkwaliteit
  • Stress tijdens droogstand door bijvoorbeeld hitte of huisvesting verlaagt de biestkwaliteit

Contact
opneem'n

contact jongvee

Wil je meer advies over
een goede biestopname?

Scroll naar top